De uurverandering werd aanvankelijk ingevoerd om elektriciteit te besparen, maar wordt in 2021 dan toch afgeschaft. De impact van de uurverandering is immers miniem. In de Benelux zouden we het zomeruur moeten aanhouden.

Deze herfst verandert het uur op zondag 27 oktober. Dan draaien we dus met zijn allen onze klok 1 uur terug. 3 uur ’s ochtends wordt dan 2 uur. We kunnen dus een uur langer slapen. Maar besparen we door de klok te verzetten ook elektriciteit? Of verbruiken we net meer? Om dat te weten te komen, duiken we even terug in de tijd.

De geschiedenis van de uurverandering

De uurverandering kwam er om energie te besparen. Concreet werd er een nieuwe uurregeling toegevoegd, tussen de laatste zondag van maart en de laatste zondag van oktober. De dag wordt dus bij wijze van spreken verschoven naar de avond, waardoor we tijdens de zonnige maanden langer van de zon kunnen genieten en het gebruik van kunstlicht kunnen beperken.

We hebben het dan over het ‘zomeruur’ of de ‘zomertijd’. Het wettelijke uur dat voordien gebruikt werd, werd dan ook toepasselijk herdoopt tot het ‘winteruur’ en loopt van het laatste weekend van oktober tot het laatste weekend van maart. Toegegeven, ‘s morgens wordt er iets meer elektriciteit verbruikt, want in het begin van de lente is het dan nog donker. Maar – zo zei men in die tijd – ‘s avonds wordt er aanzienlijk bespaard.

Na de uitzonderingssituaties tijdens de twee wereldoorlogen, werd de uurverandering in de jaren 70 algemeen ingevoerd. In België was dat in 1977. Er moest nu eenmaal energie bespaard worden toen Europa geconfronteerd werd met de eerste oliecrisis (1973), toen de verwarming op stookolie zich verspreidde en de elektriciteitsprijzen sterk afhankelijk waren van de olieprijzen.

In 1996 werd de uurverandering in de hele Europese Unie geharmoniseerd, vooral dan om activiteiten over de grenzen heen beter te kunnen coördineren.

Doet de uurverandering ons echt energie besparen?

Welke financiële impact heeft de uurverandering op ons energieverbruik?

Verlichting

De impact van de uurverandering zou het grootst moeten zijn op het vlak van verlichting, zowel openbaar als bij ons thuis. Nochtans is die invloed de voorbije decennia aanzienlijk vervaagd. Er werd dan ook technische vooruitgang geboekt met fluocompacte lampen, tl-buizen, ledlampen, … Het maakte het systeem van de uurverandering minder relevant.

Verwarming

Ook op onze verwarming is het effect verwaarloosbaar. Enerzijds omdat onze woningen beter geïsoleerd zijn. Anderzijds omdat het verbruik en dus ook het rendement van onze verwarmingsketelsn veel meer beïnvloed worden door de temperatuur buiten. Tegenwoordig moet je er gelukkig niet vaak meer aan denken om het uur van je verwarmingsketel en thermostaat te veranderen. De recentste modellen doen dit namelijk automatisch. Voor de oudere modellen is dat echter niet het geval. Kijk het dus best even na!

Airconditioning

Wat airconditioning betreft, is de situatie niet duidelijk. De resultaten schommelen sterk van land tot land. Alles hangt dan ook af van het klimaat (zuiders, continentaal, …) en van de gebruiken.

Zonnepanelen

Geen verschil! Hun rendement is onafhankelijk van de uurverandering aan het begin en het einde van de dag. Het is namelijk ‘s middags dat de elektriciteitsproductie het grootst is. Op jaarbasis presteren zonnepanelen het best in de maanden mei en juni. In de zomer zijn de onderdelen gevoelig aan te grote hitte. En in de winter daalt hun productie aanzienlijk. Winter- of zomeruur verandert daar niets aan.

Meer weten? Lees dan ons artikel “Herfst, zomer, … wat heeft er invloed op het rendement van jouw zonnepanelen?”.

Tweevoudige meters

Die moeten en kunnen niet worden aangepast! Ze blijven de stroom tariferen in piekuren (meestal tussen 7 u. en 22 u.) en daluren (tussen 22 u. en 7 u.). De omschakeling gebeurt met een signaal op het elektriciteitsnet. Dat wordt opgevangen door de distributienetbeheerders, die zich automatisch aanpassen.

We blijven het uur verzetten … nog even althans 
Het zomeruur brengt een verwaarloosbare energiewinst met zich mee

Volgens het meest volledige en recentste rapport over de uurverandering dat in oktober 2017 door het Europees Parlement werd gepubliceerd, zorgt het zomeruur voor een ‘verwaarloosbare’ energiewinst van gemiddeld nauwelijks 0,34% van het totale verbruik. In Zuid-Europa, dat een lagere breedtegraad heeft, ligt deze winst iets hoger: tot 2,5%.

Volgens het meest volledige en recentste rapport over de uurverandering dat in oktober 2017 door het Europees Parlement werd gepubliceerd, zorgt het zomeruur voor een ‘verwaarloosbare’ energiewinst van gemiddeld nauwelijks 0,34% van het totale verbruik. In Zuid-Europa, dat een lagere breedtegraad heeft, ligt deze winst iets hoger: tot 2,5%.

Het spreekt voor zich dat dit kleine effect een doorslaggevend argument is om terug te keren naar één enkele tijd. De Europese Commissie boog zich dan ook over een wetsvoorstel hieromtrent. Het Europees Parlement koos er vervolgens met grote meerderheid voor om de definitieve verdwijning van de uurverandering in te plannen in 2021. In maart 2021 zou dus de laatste uurverandering plaatsvinden voor de lidstaten die voor het zomeruur kiezen. De landen die liever het winteruur behouden, zullen voor de laatste keer het uur veranderen in oktober 2021. Elk land beslist zelf of het voor het zomeruur of het winteruur kiest en moet zijn beslissing tegen april 2020 bekendmaken. De tekst die in het Europees Parlement werd aangenomen, benadrukt dat Europa geen ‘puzzel’ mag worden. Daarom liet België al weten de keuze van de Benelux te volgen om dezelfde tijdzone te behouden als onze buurlanden.

Op Europees niveau lijkt een meerderheid dat voorbeeld te volgen, met uitzondering van de Scandinavische landen die liever het winteruur zouden houden.

Dankzij het UP-pakket met groene energie, boxx-technologie en herstellingsdienst, kan je je elektriciteits- en verwarmingsverbruik op de voet volgen en vergelijken wanneer het uur verandert!

Facebook Comments