Wat verandert er in 2026 voor je energie in jouw gewest?
Benieuwd wat er in 2026 verandert voor jouw energie? Straks ontdek je alle details. Dit zijn nu al de belangrijkste nieuwigheden.
- Elektriciteit minder belast dan gas of stookolie: de accijnzen op elektriciteit dalen, terwijl ze op fossiele brandstoffen geleidelijk verhogen.
- Wie flexibel verbruikt, wordt beloond. In de praktijk betekent dit nieuwe uurtarieven in Wallonië met meer daluren en de voortzetting van het capaciteitstarief in Vlaanderen.
- De verdere uitrol van de digitale meters laat ook jou profiteren van de nieuwe tarieven en helpt je om je verbruik te optimaliseren.
- De gewesten herzien hun steunmaatregelen: sommige premies worden vervangen door leningen, terwijl in Brussel alles bij het oude blijft in afwachting van een nieuwe regering.
- Warmtepompen worden nog altijd aantrekkelijk gemaakt met een verlaagd btw-tarief, premies van de gewesten en de daling van de accijnzen op elektriciteit.
Federaal energienieuws dat voor iedereen geldt
1. Lagere accijnzen op elektriciteit dan op gas
Europa wil koolstof zoveel mogelijk bannen uit ons dagelijks leven en de federale regering sluit daarbij aan met een fiscale hervorming voor energie. Met de “taxshift 2026” wil ze elektriciteit aantrekkelijker maken dan fossiele brandstoffen voor onze verwarming en het vervoer. Concreet doet ze dat door de belastingen op gas te verhogen en op elektriciteit juist te verlagen.
Wat betekent dit in 2026?
- De accijnzen op elektriciteit dalen geleidelijk tot in 2029. Voor een gemiddeld huishouden levert dit een jaarlijkse besparing van ongeveer 40 euro op, voor een huishouden met een elektrische auto en een warmtepomp voor verwarming zelfs 110 euro.
- De accijnzen op gas maken de omgekeerde beweging: ze stijgen geleidelijk tot in 2029. In 2026 betekent dit al een extra kost van 40 tot 80 euro per jaar, afhankelijk van hoeveel gas je verbruikt.
- Ook voor stookolie zijn er gevolgen: de accijnsverhoging zou tegen 2029 oplopen tot ongeveer 15 euro per jaar, bovenop de geplande uitfasering van verwarmingsinstallaties op stookolie.
2. Btw op 6% geeft warmtepompen een duwtje
Geen nieuwe maatregel, maar vanaf 2026 geldt gedurende 5 jaar opnieuw een btw van 6% op de aankoop, installatie en het onderhoud van warmtepompen. De aanzienlijke besparingen die je hiermee verwezenlijkt, moedigen je aan om een bijdrage te leveren aan de energietransitie.
Zijn er ook voorwaarden?
De verlaagde btw op warmtepompen geldt voor nieuwbouw en voor de vervanging van een bestaande verwarmingsinstallatie, ook in woningen die nog geen 10 jaar oud zijn. Andere voorwaarden:
- Het moet om je privéwoning gaan.
- De werken moeten door een erkende aannemer worden uitgevoerd.
- Alleen 100% elektrische warmtepompen komen in aanmerking, dus geen hybride systemen.
Nog meer goed nieuws: ook een warmtepompboiler, dus een warmtepomp die je sanitair water opwarmt, valt onder deze maatregel.
3. Elektrische bedrijfswagens: fiscale aanpassingen
Er verandert zo goed als niets. De officiële forfaitaire terugbetaling door de CREG van de elektriciteitskosten voor het opladen van elektrische bedrijfswagens blijft ook in 2026 bestaan. Er was nog wat twijfel over, maar nu staat het vast dat je werkgever deze eenvoudige methode kan blijven gebruiken om de laadkosten van je elektrische auto terug te betalen. Maar is dit altijd het voordeligst? Lees meer in dit artikel.
Hoe zit het met de bedrijfswagenfiscaliteit? Wel, vanaf 1 januari 2026 neemt de overheid toch weer enkele bochten:
- Eerst bevestigt ze dat auto’s met alleen een verbrandingsmotor binnenkort niet meer aftrekbaar zijn, zoals al eerder was aangekondigd.
- Maar voor de plug-in hybrides (PHEV) gaat de overheid toch weer een andere richting uit. Onder bepaalde voorwaarden (zelfstandigen, variabele aftrek, enz.) zouden ze toch aftrekbaar blijven.
- Elektrische auto’s blijven 100% aftrekbaar in 2026. Maar tussen 2027 en 2031 zou het fiscaal voordeel geleidelijk worden afgebouwd.
Wat verandert er in 2026 als je in Vlaanderen woont?
Een van de belangrijkste nieuwigheden in het noorden van ons land is een hervorming van het systeem van de energiepremies. Wat zijn de voornaamste wijzigingen?
1. Minder premies voor wie een hoog inkomen heeft
Huishoudens met een zeer hoog inkomen (categorie 1 en 2) hebben vanaf 1 maart 2026 geen toegang meer tot de renovatiepremies.
Wist je dit? Deze maatregel geldt niet voor wie een warmtepomp of warmtepompboiler laat installeren. Ook huishoudens uit de hoogste inkomenscategorieën zullen hiervoor nog een financiële tegemoetkoming kunnen krijgen, maar de bedragen liggen lager.
Voor huishoudens met een gemiddeld of bescheiden inkomen (categorie 3 en 4) verandert er niets. Alle premies van 'Mijn VerbouwPremie' blijven bestaan. Dit is zowel voor isolatie, om over te schakelen op hernieuwbare energie, om grondige renovaties aan structuurelementen en daken uit te voeren, ramen en deuren te vervangen, enz.
Lees alles over de energiepremies in Vlaanderen in dit artikel.
2. “Mijn EPC-labelpremie” verdwijnt
Met “Mijn EPC-labelpremie” ondersteunde de overheid sinds enkele jaren het verbeteren van het EPC-niveau van woningen, maar de premie verdwijnt volledig vanaf 30 juni 2026.
3. Meer leningen voor de energietransitie
Vlaanderen blijft tegelijk ook financieringsoplossingen aanbieden met “Mijn Verbouwlening”. Nieuw in 2026 is dat de laagste inkomenscategorieën deze renovatielening tot 60 000 euro kunnen afsluiten met een rentevoet van 0%. Ze betalen dus alleen het kapitaal terug.
4. De netkosten voor elektriciteit dalen lichtjes
Op dit punt neemt Vlaanderen duidelijk afstand van Wallonië en Brussel: de kosten van het elektriciteitsnet dalen in 2026 met 4% ten opzichte van 2025. Voor een gemiddeld gezin komt dit neer op zo’n 20 euro per jaar, zodat het totaalbedrag nog ongeveer 463 euro per jaar bedraagt.
Bij gas doet zich het omgekeerde scenario voor: de netkosten stijgen met 6% in vergelijking met vorig jaar, of 16 euro.
En het capaciteitstarief? Het blijft hetzelfde als bij de invoering in 2023. Deze manier van berekenen van de netkosten heeft nog altijd tot doel om Vlaamse gezinnen aan te sporen om verbruikspieken zoveel mogelijk te vermijden. Benieuwd hoe dit tarief in elkaar zit? Lees dan dit artikel op onze blog.
Wat verandert er in 2026 als je in Brussel woont?
In de hoofdstad krijgen vooral de eigenaars van zonnepanelen te maken met wijzigingen. We lichten ze hier in detail toe.
1. Nieuwe coëfficiënten voor groenestroomcertificaten
Vanaf 1 april 2026 verlaagt het Brussels Gewest de vermenigvuldigingscoëfficiënten van de groenestroomcertificaten voor zonnepanelen. De overheid doet dit om rekening te houden met de evolutie op de markt. Zo zijn zonnepanelen de laatste tijd goedkoper geworden.
Belangrijk: Sinds 1 januari 2026 geldt in Brussel een nieuwe verplichting: elke nieuwe fotovotaïsche installatie met een maximumvermogen van 5 kWp moet beschikken over een RESCert-certificaat (in Brussel ook wel “HE-certificaat” genoemd). Alleen met dit certificaat krijg je toegang tot de groenestroomcertificaten.
Meer info over de groenestroomcertificaten vind je op deze pagina.
2. Renolution-premies voorlopig stopgezet
Zolang er geen Brusselse regering is, is er ook geen begroting en dus zaten de premies begin 2026 in de koelkast. Er is wel sprake van begrotingsaanpassingen in de lente om het steunmechanisme te deblokkeren, zodat het gewest de ambitieuze doelstellingen van de Renolution-strategie toch nog kan waarmaken. Het is namelijk de bedoeling om het energieverbruik van de Brusselse gebouwen tegen 2050 met twee derde te verminderen.
3. Hogere netkosten
De Brusselse energieregulator (Brugel) heeft de verhoging van de netkosten voor elektriciteit in de periode 2025-2029 goedgekeurd. De netkosten omvatten zowel de distributiekosten (Sibelga) als de transportkosten (Elia). Een gemiddeld Brussels huishouden betaalt 6% meer, wat neerkomt op 25 euro en een gemiddeld totaalbedrag van 493 euro per jaar. Gas volgt dezelfde trend: Brusselaars betalen 5% meer per jaar (of zo’n 16 euro) in vergelijking met 2025.
4. Steeds meer digitale meters
Vlaanderen staat voor op de rest, maar ook Brussel en Wallonië gaan stap voor stap vooruit met de installatie van digitale meters. Er is wel een nieuwigheid (eigenlijk al sinds midden 2025): de consumenten kunnen nu kiezen tussen twee formules voor het doorsturen van hun verbruiksgegevens:
- het R1-meetregime, dat je verbruik maandelijks doorstuurt,
- het R3-meetregime, of SMR3, dat je verbruiksgegevens om de 15 minuten doorstuurt, om je verbruik nauwkeuriger op te volgen.
Wist je dit? Je digitale meter stuurt je gegevens alleen door als je daar vooraf uitdrukkelijk je toestemming voor hebt gegeven.
Wat verandert er in 2026 als je in Wallonië woont?
Het is niet de enige aanpassing, maar de nieuwe distributietarieven voor elektriciteit in Wallonië betekenen niet minder dan een revolutie. Je leest er meer over in onze blog en we zetten de belangrijkste wijzigingen hier op een rijtje.
1. Meer daluren voor het tweevoudig uurtarief
In Wallonië geldt sinds 1 januari 2026 een grondig aangepast tweevoudig uurtarief met flink uitgebreide daluren. Het tarief zit eenvoudiger in elkaar en biedt meer voordelen om Waalse gezinnen te overtuigen om vooral overdag energieverslindende toestellen te gebruiken.
Om te beginnen valt het onderscheid tussen week- en weekenddagen weg. De nieuwe tijdzone met daluren, elke dag van 11 tot 17 uur, geldt zowel voor de netwerk- als energiekosten. Heb je al een meter voor het tweevoudig uurtarief? Dan hoef je niets te doen: de omschakeling naar het nieuwe tweevoudig uurtarief verloopt automatisch.
Ontdek het nieuwe tweevoudig uurtarief in Wallonië in dit artikel met 6 tips om er maximaal voordeel uit te halen.
2. Het Impact-tarief voor flexibele verbruikers
Samen met het nieuwe tweevoudig uurtarief voerde Wallonië ook een nieuw optioneel distributietarief in: Impact. Enige voorwaarde: je moet over een digitale meter beschikken. Dit nettarief (niet te verwarren met de energieprijs) biedt je vijf tijdzones met drie verschillende prijzen (ECO, MEDIUM en PIC). Het principe is heel eenvoudig: hoe meer je verbruikt op momenten dat er veel energie beschikbaar is, hoe minder je betaalt.
Is het Impact-tarief interessant voor jou? Dat ontdek je in dit artikel.
3. Hogere netkosten
Net zoals in Brussel heeft de Waalse energieregulator (CWaPE) een verhoging van de distributiekosten voor elektriciteit van de Waalse distributienetbeheerders (DNB) goedgekeurd voor de periode 2026-2029.
Een gemiddelde verbruiker met het tweevoudig uurtarief zal tussen 4 en 8% meer betalen aan distributiekosten in vergelijking met 2025. Deze kosten vertegenwoordigen 25% van de elektriciteitsfactuur, wat in 2025 neerkwam op 305 tot 387 euro exclusief btw, afhankelijk van de DNB.
De distributie- en transportkosten voor gas zitten ook in de lift: ze stijgen met 8%.
Wist je dit? Het prosumententarief dat Waalse eigenaars van zonnepanelen betalen, zal de volgende jaren blijven stijgen. Tegen 2029 bedraagt de stijging 9%.
4. Het doek valt over stookolie
De Waalse reglementering op stookolie-installaties is, zoals gepland, op 1 januari 2026 strenger geworden. Vanaf nu is het verboden om nog een cv-ketel op stookolie of steenkool in een nieuw gebouw te installeren.
5. Nieuwbouw: 35% hernieuwbare energie
Wallonië steunt op Europese wetgeving om zijn EPB-eisen voor nieuwe gebouwen (zowel woongebouwen als andere) aan te scherpen. Elk nieuw gebouw (of gebouw dat ermee wordt gelijkgesteld) moet nu minstens 35% van zijn energieverbruik dekken met hernieuwbare energiebronnen. De verplichting heeft als gevolg dat al vanaf de ontwerpfase wordt voorzien in de installatie van zonnepanelen, warmtepompen en andere hernieuwbare-energiesystemen.
6. Renovatie ondersteunen met premies en leningen
Het huidige Waalse premiestelsel loopt nog tot 30 september 2026. Daarna schakelt Wallonië over op een systeem van leningen tegen een lage of helemaal geen rente, zoals Rénoprêt, Rénopack en Rénopack SWCS. Natuurlijk zijn deze leningen alleen beschikbaar voor renovaties die een meetbare verbetering van de energieprestaties opleveren. In de lente van 2026 komen er meer gegevens over deze nieuwe instrumenten beschikbaar.
7. Digitale meters sneller uitgerold
Zoals gepland schakelt Wallonië in een hogere versnelling: tegen 2026 zouden 300 000 digitale meters moeten zijn geïnstalleerd. Je hebt zo’n meter nodig als je wil profiteren van het nieuwe Impact-tarief of om je verbruik in real time op te volgen met apps van leveranciers, zoals de Smart App van ENGIE. De installatie van de digitale meter is trouwens gratis.
In dit artikel lees je meer over de installatieplanning voor Wallonië, de voordelen en hoe je de digitale meter optimaal gebruikt.
De trends voor 2026 zijn duidelijk: België wil de transitie naar elektriciteit ten koste van fossiele energiebronnen versnellen en beloont flexibele verbruikers. ENGIE speelt hierop in met tariefformules op maat van jouw specifieke situatie, zoals de SUPER-daluren van Empower Flextime. En vergeet onze tools niet, met name de Smart App en de Energiescore. Ze helpen je om je verbruik beter op te volgen en indien mogelijk te verschuiven naar momenten waarop energie goedkoper is.
*Disclaimer: dit artikel weerspiegelt de situatie op 1 februari 2026. Beslissingen van de gewestelijke en federale overheden kunnen invloed hebben op de verstrekte informatie.
